Huurrecht

Sedert 1 juli 2016 geldt een nieuwe regeling voor de beëindiging van een categorie
huurovereenkomsten voor bepaalde tijd met betrekking tot woonruimte.

Huurovereenkomsten voor bepaalde tijd met betrekking tot woonruimte die
worden afgesloten na 1 juli 2016 kunnen rechtsgeldig bepalen dat deze door
tijdsverloop eindigen. Het oude systeem, waarbij ook de huurovereenkomst voor
bepaalde tijd alleen kon worden beëindigd op bepaalde opzeggingsgronden en bij
het niet instemmen van de huurder de kantonrechter moest worden verzocht de
huur te beëindigen, wordt daarbij verlaten (artikel 7:271 BW). Er geldt wel een
beperking. De bepaalde tijd mag niet langer zijn dan twee jaar voor de huur van
zelfstandige woningen en niet langer dan vijf jaar voor de huur van andere woonruimte.
Ook is steeds een tijdige aanzegging vereist die op zijn vroegst drie maanden voor het einde
kan geschieden en op zijn laatst één maand voor het verstrijken van de bepaalde tijd.

De mogelijkheden tot tijdelijke verhuur van woonruimte worden derhalve verruimd.
Daarnaast kent ook de Leegstandswet uitzonderingen op de huurbescherming.

Tot slot wordt de opzeggingsgrond “dringend eigen gebruik” uitgebreid, zodat huurovereenkomsten
voor woningen, die bedoeld zijn voor jongeren, promovendi en grote gezinnen door de verhuurder
kunnen worden opgezegd als de huurder niet meer binnen deze doelgroep valt.

Terug naar nieuws